Dagboek: zondag 11 juli 1993

We stonden dus nog op het vliegveld op onze bagage te wachten. Uiteindelijk ontbraken er nog drie stuks, te weten de bagage van Joop en twee kisten met gereedschap. Je kon het verschil tussen Kenia en Nederland al goed merken. Zo waren de toiletten hier veel anders.

Het zou circa een uur geweest zijn voordat we het vliegveld verlieten. We kwamen in een voor Keniaanse begrippen goede bus. Daar sprak eerst Gracie, die van World Servants Kenya is en die ons gedurende het project zou begeleiden, ons toe alvorens de bus richting centrum vertrok. We kwamen uiteindelijk uit bij het Methodist Guest House, waar we gingen overnachten. Joop sprak ons nog even toe en toen kregen we de sleutel van onze kamer en konden we gaan slapen. Dit was hard nodig, want het was al twee uur geweest.

Om half acht werden we gewekt. Buiten scheen de zon (nog) niet. Na me gewassen en aangekleed te hebben en mijn bagage bijeengepakt te hebben, was het tijd voor ontbijt. Deze bestond onder meer uit worstjes. Tijdens het ontbijt kregen we te horen dat we om negen uur bij de receptie moesten zijn. Hier kregen we te horen dat we naar een kerk gingen. Een groot deel van de groep ging naar de kerk van Gracie en een klein deel, onder wie ik, ging naar de St. Andrew Church.

Eenmaal bij de kerk gingen we eerst na een bijgebouwtje, waar we naar mensen luisterden die iets voordroegen en daarna gingen we naar de kerk zelf. In de kerk werden World Servants Europe en andere organisaties die Kenia hielpen onderscheiden met een anjer voor hun hulp. Toen we weer terugkwamen bij de Methodist Guest House was het al weer tijd voor het middageten.

Na het middageten was het tijd om naar Isiolo, het plaatsje waar we de school zouden bouwen, te vertrekken. Het was de bedoeling dat we onderweg nog de Thika Falls gingen bekijken, maar deze waren te prijzig. Wel hebben we onderweg nog even gestopt bij een souvenirwinkel. Hier heb ik mijn World Servants Europe pet geruild voor een Jambo Kenya pet. Verder hebben we nog een stop gemaakt op de evenaar. Tegen vier uur kwam zowaar de zon nog door. Ze is dus ook wel in Kenia.

Na een lange reis kwamen we tegen zeven uur aan in Isiolo. Bij ons kampement werden we warm welkom geheten. Vervolgens kregen we onze kamers te zien. We sliepen met zín vieren op een kamer met stapelbedden. Hierna gingen we naar de grote zaal, waar we nogmaals welkom werden geheten en voor ons gezongen werd. Toen kregen we voor de tweede keer deze dag een warme maaltijd. Het is in Kenia normaal om twee maal per dag warm te eten. Na een vermoeiende reis gingen we rond negen uur al slapen.