Verslag van terugreis van Killarney naar Amsterdam

Na negen ochtenden van vroeg op, konden we op donderdag 29 juli 2004 iets langer blijven slapen. Toch hadden we het niet te bar gemaakt, aangezien we nog op souvenirs jacht moesten en ook nog een trein moesten halen (welke slechts vier maal daags rijdt). Het ontbijt was als vanouds goed, maar het was toch enigszins teleurstellend dat de vrouw des huizes ons niet meer herkende van de eerste keer. Gelukkig konden we wel onze rugzakken even laten staan, zodat we niet met die bulten op onze rug langs volgepakte winkelstellages hoefden te manoeuvreren. Dus ook Acara B&B kon als positief beoordeeld worden.

Beiden hadden we het eigenlijk niet zo op souvenirs, aangezien het veelal kitsch of nog grotere troep is. Zodoende waren we ook best wel kritisch op hetgeen wat we wilden aanschaffen, wat resulteerde in een rondgang door alle toeristische winkeltjes. Aangezien Killarney draait op toerisme, was het aantal winkeltjes niet op twee handen te tellen. Op zich was het wel vermakelijk om te zien hoeveel creativiteit in een aantal souvenirs gestoken wordt, maar ook de grote prijsverschillen voor dezelfde artikel waren opmerkelijk. Uiteindelijk hadden we beide wat gevonden dat onze goedkeuring kon krijgen.

Met de aankoop van onze souvenirs hadden we niets meer in Killarney te zoeken. We haalden onze rugzakken op en liepen naar het station. Hier konden we aanschouwen dat een aanvankelijk leeg perron in no time veranderde in een grote mensenmassa. Een andere merkwaardigheid was de manier waarop de trein moest binnen rijden; deze moest achteruit inparkeren. Op het station van Mallow moesten we overstappen en toen bleek dat ook de Ierse spoorwegen last van vertraging hadden. Uiteindelijk belandden we in de tweede helft van de middag in Cork.

De stad Cork zou best een mooie historie en een aantal architectonische hoogstandjes hebben, maar als cultuurbarbaren hadden we daar weinig oog voor. Bij toeval ontdekten we dat een soort van oude fabriek was omgebouwd tot shopping mall alwaar we onze laatste luchtplekken in onze rugzakken opgevuld hebben met kleding (want die kun je niet kopen in Nederland). Tijdens de zoektocht naar een eettentje kregen we toch nog wat van de binnenstad mee. Na voor het laatst een Ierse warme maaltijd genuttigd te hebben, pakten we de bus naar het vliegveld.

Aangezien we de volgende dag zeer vroeg zouden vertrekken, besloten we de nacht maar in het hotel bij Cork Airport door te brengen. De kamerprijs zou wellicht iets hoger zijn, maar op deze manier konden we een half uur langer blijven slapen en kwamen er geen taxikosten over heen. Voor 89 euro hadden we een mooie, goed uitgeruste tweepersoons kamer; dus de prijs viel reuze mee. Op onze hotelkamer konden we onze beenspieren verwennen met warm badwater, genoten we van het mooie uitzicht op het verlichte vliegveld en hadden we natuurlijk goede bedden tot onze beschikking.

Na een korte nacht, ging vrijdagochtend 30 juli 2004 om vijf uur reeds de wekker. We pakten voor de laatste keer onze rugzakken in, checkten uit bij het hotel en liepen naar de vertrekhal van Cork Airport. Aldaar checkten we ons vervolgens weer voor de vlucht naar Amsterdam. Het voordeel van een klein vliegveld is dat dit hele proces doorgaans wat sneller gaat dan op Schiphol. Maar elk voordeel heeft ook zijn nadeel. Het ontbijtbuffet was nog niet open, terwijl er vele hongerige passagiers aanwezig waren. Bij het openen van het buffet was het dan ook dringen geblazen voor, naar later blijkt, vreselijk voedsel.

Om zeven uur stegen we op van Cork Airport en lieten we de vaste grond van Ierland achter ons. De vliegreis verliep zonder problemen, zodat we ruim anderhalf uur later, om even na half tien Nederlandse tijd, op Schiphol Amsterdam Airport landden. De zomerpiek was nog niet ten einde, aangezien er een enorme rij voor de paspoortcontrole stond. Het was dan ook bijna een uur later voordat we onze bagage van de band konden halen. Op het station van Schiphol gingen onze wegen weer uiteen en konden we terugkijken op een geslaagde vakantie.