Verslag van de Kerry Way van Black Valley naar Glencar

De reiswekker was nu wel goed ingesteld, zodat we ons op woensdag 21 juli 2004 op onze gemak gereed konden maken voor een Iers ontbijt. Aangezien de dichtstbijzijnde winkel pas op onze eindbestemming van deze loopdag was, besloten we maar gebruik te maken van de mogelijkheid om een lunchpakketje – wederom tegen een meerprijs – mee te nemen. Kortom, het Hillcrest Farmhouse was een goede, doch zeer commercieel ingestelde B&B. Waar het tijdens het ontbijt nog ernaar uitzag dat het de hele dag zou gaan miezeren, zag het wolkendek er aanzienlijk vriendelijker uit toen we bepakt vertrokken.

We liepen terug naar het punt waar we de route verlaten hadden en vervolgden de secundaire weg verder Black Valley in. We passeerden hierbij de plaatselijke kerk. In de buurt van Gloghernoosh maakten we voor het eerst goed kennis met schapen, die gerust op de weg liepen. We stegen weer langzaam en na de laatste huizen ging de weg over in een paadje door de bossen en vervolgens in een route over ruwe ondergrond via markeringen. Vanaf dit punt hadden we mooi uitzicht op twee parallelle watervallen die uitmondden in een meer in de buurt van Cummeenduff.

Na deze doorsteek kwamen we weer terecht op een secundaire weg die overging in een zandpad. Niet alle landeigenaren bleken toestemming gegeven te hebben om de route over hun erf te laten lopen, zodat we op den duur een boerderij via een omleiding over ruwe ondergrond links moesten laten liggen. Het zandpad ging over in een paadje dat via een paar balken over een stroompje afkomstig van het Curraghmore Lake ging. We waren inmiddels geklommen tot ruim 150 meter.

Deze hoogte zouden we nogmaals beklimmen, maar dan via een tamelijk steil paadje over afwisselend ruw en drassig ondergrond. Het hoogste punt was in de zadel tussen twee bergruggen, waarvan de bergrug aan onze rechterzijde de piek Carrauntoohil bevatte, met 1.039 meter de hoogste berg van Ierland. Vanaf de zadel konden we voor de laatste maal terugblikken op Black Valley en hadden we mooi zicht op het volgende vallei, te weten Bridia Valley. Via een steiler paadje over ruw ondergrond en rotsen, ook wel aangeduid met de Bridle Path, daalden we circa 200 meter af het vallei in.

Na een lunchpauze in het vallei, alwaar we bezoek kregen van een nieuwsgierig rund, vervolgden we de route. Deze ging tijdelijk over een secundaire weg, maar via een trappetje kwamen we weer op een paadje terecht. Hier gingen we via een doorsteek over een weide de heuvel op. Een kronkelpaadje, ook wel Lack Road genoemd, leidde ons via een tamelijk steile beklimming naar een bergzadel op ruim 360 meter hoogte. Hier hadden we achter ons zicht op Bridia Valley en voor ons op Lough Acoose. Via een steile afdaling over ruwe ondergrond en rotsen en langs diepe afgronden daalden we snel de eerste 150 meter.

Na deze afdaling kwamen we op een paadje terecht dat ons over drassig ondergrond voerde om vervolgens in de buurt van Derrynafeana via een zandpad over te gaan tot secundaire weg. Een tijdelijke route op de kaart via deze weg oostelijk om Lough Acoose was klaarblijkelijk permanent geworden. Waarschijnlijk heeft een landeigenaar westelijk van het meer geen toestemming gegeven om een route door zijn gebied te markeren. Dit is toch jammer, want op een groepje scouts en een stelletje na, waren we nog geen andere wandelaars op de route tegen gekomen.

Hierdoor liepen we dus via vele kilometers asfalt Glencar binnen. Dit bleek niet echt een dorp te zijn, maar meer een buurtschap. Ook onze B&B voor deze nacht, Blackstones House genaamd, was via een bordje op onze route aangegeven. Dit keer moesten we echter nog bijna vier kilometer lopen, terwijl we er toch degelijk op gelet hadden dat de B&B’s dicht bij de route lagen. De accommodatie had echter zeer mooi zicht op Garagh River, waarvan we de oorsprong eerder deze dag in Bridia Valley hadden mogen aanschouwen. Verder kregen we bij aankomst thee en muffins aangeboden.

Bij bestudering van de kaart bleek de B&B wel degelijk dichtbij de Kerry Way te liggen, maar dan zo’n zeven kilometer verder op de route. Als we dat hadden geweten, hadden we de route verder vervolgd. Tijdens de tocht naar de B&B waren we de pub the Rowan Tree gepasseerd die volgens het uithangbord ook maaltijden serveerde. De twee beklimmingen waren toch wel in onze benen gaan zitten, maar uiteindelijk hebben we de pub gehaald. Hier volgde echter nog een domper, want de enige maaltijd die geserveerd werd was een portie tosti’s. Maar beter iets dan niets en ook een pint bier vult.